Van banen naar klussen: aantal zzp’ers kan nog verdubbelen

Het aantal zzp’ers kan nog ruimschoots verdubbelen tot 1,8 miljoen, meer dan een vijfde van de huidige beroepsbevolking. Van die 1,8 miljoen zouden er dan één miljoen hun brood verdienen in de zogeheten ‘gig economy’, via platforms als Uber, Helpling en Temper.

Dat schrijft het ING Economisch Bureau in een ‘verkenning’. De hoofdeconoom van ING, Marieke Blom (foto), schreef eerder dit jaar al dat de bestaande platforms zich 20% tot 70% van de uitzendmarkt kunnen toe-eigenen. Voor het eerst is de potentiële omvang van de kluseconomie zo gedetailleerd in kaart gebracht voor Nederland. ING stelt dat er in 2017 800.000 zelfstandigen zonder personeel waren (zzp’ers). In totaal wordt de markt voor zelfstandigen in 2017 op 1,4 miljoen personen geschat. Naast de 800.000 zzp’ers gaat het om nog eens 600.000 flexwerkers (onder meer uitzendkrachten en payrollers).

Kortdurende contracten

‘Niet alleen uitzendkrachten, maar ook werkenden in kortdurende en oproepcontracten kunnen op grote schaal op een zzp-platform terecht komen’, schijft ING. ‘Platforms maken zzp-werk namelijk veel makkelijker. Hoe groot de daadwerkelijke impact wordt, hangt af van de technologie, juridische ruimte en financiële prikkels. In twee scenario’s varieert de impact van 200.000 tot een miljoen extra zzp’ers.’ Het bureau schetst twee scenario’s. Beide zullen de Nederlandse arbeidsmarkt drastisch veranderen.

Kinderschoenen

Het fenomeen van de zelfstandige platformwerker staat nog in de kinderschoenen: het gaat om tienduizenden mensen en om specifiek werk, zoals thuisbezorging en taxivervoer, aldus ING. Maar technologie kan markten rap veranderen: vijf % van de Amsterdamse woningen staat op Airbnb en een op de drie vrijgezellen zit op een datingplatform. De markt beweegt: Uber kondigde recent aan de klusmarkt op te gaan en Temper verbreedt z’n doelgroep van horeca ook naar de retail. De analyse bekijkt hoe sterk het aantal zzp’ers kan toenemen en waar dat vanaf hangt. Technologie en regelgeving zijn de cruciale factoren. Ingedeeld naar beroepsgroepen lenen volgens ING vooral klussers, schoonmakers en chauffeurs zich goed voor platforms. Voor managers, directiesecretaresses, medisch personeel, ambtenaren, politie, militairen, piloten, accountants en consultants is dat minder zo, omdat werkgevers niet willen dat kennis weglekt.

Technologie en regelgeving

Hoe sneller de technologie zich ontwikkelt, hoe makkelijker banen in ‘klussen’ veranderen  en hoe meer mensen zzp’er zullen worden. Platformen verlagen transactiekosten, zoals zoekkosten, contractkosten en administratie. Ze maken met beoordelingen de kwaliteit van werkenden inzichtelijk. Dit helpt beide partijen op de markt voor werk. Technologie maakt een zzp’er zijn of inhuren makkelijker: opdrachtgevers vinden kost minder tijd, goede mensen zijn te herkennen aan goede beoordelingen, facturen sturen en betalingen afdwingen kost geen tijd meer, aldus ING. ‘Hoe meer juridische ruimte voor het verrichten van arbeid als zelfstandige, des te meer zzp’ers. Tegelijkertijd is het financiële verschil tussen zzp-contracten en arbeidscontracten bepalend: wat zijn de minimumtarieven, verplichtingen en tarieven voor verzekeringen, pensioen en belasting? Hoe groter het verschil in financiële prikkels, des te meer zzp’ers.’

‘Zelfs belastingexperts snappen fiscaal stelsel niet meer’

Het belastingstelsel is zo moeilijk geworden dat zelfs een gespecialiseerde belastingadviseur het soms niet meer snapt. Dat zegt voorzitter Bartjan Zoetmulder van de beroepsvereniging Nederlandse Orde van Belastingadviseurs (NOB) in de Telegraaf. Het wordt daarom volgens Zoetmulder tijd voor een grondige hervorming van het systeem.

„Het belastingstelsel is een enorme brij geworden van in elkaar hangende regels. En dat wordt alleen maar ingewikkelder. Het is zo complex dat je als adviseur je klanten eigenlijk niet meer kunt adviseren over wat ze moeten doen.” Zoetmulder noemt daarbij de deelnemingsvrijstelling als voorbeeld. Ook staatssecretaris Snel zei begin deze maand al dat hij een aanzet wil geven voor een hervorming van het stelsel. Daar sluit Zoetmulder zich bij aan.

Belastingtelefoon

“Eigenlijk zou je meer vooraf en realtime in overleg moeten kunnen met de Belastingdienst. Voor grote bedrijven is dat al geregeld. Daar zie je dat het werkt. Maar als je mkb’er of particulier bent en een vraag hebt, dan zit je met de Belastingtelefoon. Die wordt niet opgenomen en als er al wordt opgenomen krijg je een callcenter aan de lijn, dat het antwoord meestal niet weet”, aldus de fiscaal expert.

Vanaf 2007 steeds minder erfbelasting betaald

In 2015 deden 158.000 ontvangers van erfenissen aangifte erfbelasting ter waarde van 10,3 miljard euro. Hierover werd 1,2 miljard euro erfbelasting afgedragen.

De helft van de ontvangers van erfenissen waren kinderen van de overledene, bij 10 procent ging het om de partner.

Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers over het verkrijgen van nalatenschappen.
De netto waarde van de ontvangen erfenissen was in 2015 met 9,1 miljard euro lager dan in voorgaande jaren. De netto waarde steeg van 10,4 miljard euro in 2007 tot 11,2 miljard euro in 2010.

Vanaf 2011 daalde de netto waarde. De daling houdt verband met de in 2010 verruimde vrijstellingsbedragen voor partners en kinderen waardoor er minder aangiften erfbelasting werden gedaan. Daardoor daalde eveneens de totale verschuldigde belasting, van 1,7 miljard euro in 2007 naar 1,2 miljard euro in 2015.